Google penetreert verder in advertentiesysteem van Facebook

1 augustus 2012, 05:30

Google profiteert van advertentieinkomsten op alle sociale netwerken

In de al enige tijd durende strijd om de advertentiedollars en -euro’s heeft Google een belangrijke slag geslagen richting Facebook. Maar niet alleen richting Facebook. Door de overname van Wildfire plukt Google straks de advertentievruchten bij Facebook, Twitter, Pinterest, LinkedIn en haar eigen Google+ en YouTube.

Wildfire – Een avontuur op zich

Wildfire is gestart in 2008 door twee eigenaren van een reisorganisatie in Nieuw Zeeland. Zij wilden een win-actie doen op Facebook en besloten hiervoor zelf een applicatie te schrijven. In plaats van een project van een week werd Promotion Builder het eerste product van Wildfire. Aan het eind van 2008 hadden ze 10 klanten. Op het moment dat ze overgenomen worden door Google faciliteren ze de social media-marketingcampagnes van meer dan 16.000 bedrijven. En niet zomaar social media-marketingcampagnes. Begin dit jaar waren ze het eerste bedrijf dat een platform aanbiedt dat campagnes direct binnen Facebook, Twitter, YouTube en LinkedIn kan laten draaien. En dat is precies de markt waar Google zijn inkomsten aan verloor. Tot nu toe.

Niet de eerste stap

In december 2011 rondde Google al de overname van AdMeld af, een oplossing waarmee advertenties en campagnes gedraaid kunnen worden door Facebook App-ontwikkelaars. Onder hun klanten zaten veel Amerikaanse nieuwssites, maar ook het Nederlandse De Telegraaf.

Wat kan Facebook doen?

Facebook zou de API dicht kunnen gooien voor Wildfire. Aangezien echter veel Facebook-developers gebruikmaken van Wildfire zou dit niet een aan te raden stap zijn. Facebook zal dus voorlopig moeten toekijken hoe Google geld afsnoept op onder andere de Mobile Apps die gekoppeld zijn aan Facebook en die van Facebook zelf.

Zure nasmaak voor Zuckerberg

Wildfire heeft twee keer een flinke investering gehad van fbFund, een investeringsmaatschappij die Facebook-ontwikkelaars financieel ondersteunt. En je raadt het al, dit wordt mede gefinancierd door Facebook. De oprichters hebben hun bedrijf dus met behulp van Facebook kunnen ontwikkelen om het vervolgens te verkopen aan Google. Het lijkt wel een soap.

Jan Willem Alphenaar is trainer en consultant voor het inzetten van LinkedIn voor marketing en advertising. Als LinkedIn Trainer traint hij organisaties in Europa. Met zijn bedrijf Next Business Academy ondersteunt hij organisaties op het gebied van Social Selling, Advertising, Lead Generation en Content Marketing. Hij schreef meerdere (e-)boeken over social media. Begin 2016 ontwikkelde hij het P.E.A.S. (c) Model voor Social Selling met LinkedIn. Ondertussen wordt deze aanpak door meer dan 210 (inter-)nationale organisaties toegepast.

Categorie
Tags

4 Reacties

    erwin meester

    mis ik iets? hoe neemt Google inkomsten van FB weg door de overname van Wildfire? dat ze meer inzage krijgen in gebruikers gegevens ed. snap ik nog maar ik zie niet hoe dit te maken heeft met het advertentiesysteem van FB, daar hebben de Wildfire apps toch niets mee van doen?


    1 augustus 2012 om 06:07
    Steffen

    Misschien vervelend voor Facebook maar aan de andere kant verdienen ze er nu ook op lijkt mij, als jij investeert in iets zal je er op zijn minst aandelen voor terug hebben gekregen en als ze het niet uit handen hadden willen geven hadden ze zelf toch ook een bod kunnen doen!?


    1 augustus 2012 om 17:37
    Bobby Verlaan

    Als Google de service nog beter in de markt zet, is dat alleen maar goed voor Facebook. Hoe meer Google verkoopt aan advertentie dollars, hoe meer Facebook aan omzet zal maken.

    Ik verwacht eerder dat Google de opties om het Google Netwerk integraal mee te nemen in campagnes goed gaat uitbouwen. Als Google vervolgens de vergelijking in rendement tussen Google advertenties en Facebook advertenties zal uitlichten, zal het in ieder geval een plekje veilig stellen in het budget organisaties via Wildfireapp wegzetten.


    1 augustus 2012 om 22:06

Marketingfacts. Elke dag vers. Mis niks!