Contact! Kinderen en nieuwe media

Contact! Kinderen en nieuwe media

Het eerste exemplaar van het boek Contact! Kinderen en nieuwe media van de auteurs Jos de Haan en Remco Pijpers is woensdag 26 mei aan Z.K.H. de Prins van Oranje overhandigd tijdens het World Congress on Information Technology 2010 (WCIT) in de RAI in Amsterdam. Kinderen die in het boek zijn geportretteerd, mochten het boek overhandigen. Kinderen maken steeds jonger gebruik van nieuwe media: ze communiceren via sociale netwerksites en spelen online spelletjes. Ouders en leerkrachten worstelen met de voor- en nadelen van deze ontwikkeling. Journalisten, trendwatchers en columnisten hebben uiteenlopende meningen: van ‘kinderen zijn digitale alleskunners!’ tot ‘kinderen ontberen de vaardigheden en zien niet wat reclame is!’. Waar ligt de waarheid? Wat zijn kansen en risico’s?

In het boek Contact! Kinderen en nieuwe media van het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP), Stichting Mijn Kind Online en het programma Digivaardig & Digibewust, geven vooraanstaande wetenschappers antwoorden op deze vragen door bundeling van kennis en nieuw onderzoek. Het boek, uitgegeven door Bohn Stafleu van Loghum, vult daarmee een lacune: het gaat helemaal over het gebruik van nieuwe media door jonge kinderen, terwijl tot nu toe de aandacht vooral uitging naar het gebruik van nieuwe media door tieners.

In het persbericht lezen we het volgende:

Digitaal aanbod voor kinderen neemt fors toe
Het digitale aanbod voor jonge kinderen is fors toegenomen: van virtuele werelden (zoals Panfu.nl vanaf 4 jaar) tot speciale televisiesites met veel interactie (zoals Spangas.nl en Anubis). Voorheen gebruikten kinderen tussen 6? en 12?jaar nieuwe media vooral om te spelen, nu zetten zij deze ook in om met elkaar te communiceren. Jonge kinderen maken ook meer gebruik van aanbod dat niet specifiek voor hen bedoeld is, zoals Hyves, MSN en YouTube. Het afgelopen jaar gebruikte bijvoorbeeld 20% van de 6? tot 9?jarigen MSN en zat 39% van hen op Hyves.

Grens tussen commerciële en niet?commerciële inhoud vervaagt
Kinderen worden in toenemende mate op jongere leeftijd al gezien als consument. Meer nog dan via televisie, worden ze bereikt met reclame via internet. Die reclames zijn vaak ingebed in sociale netwerken en de online games. De grens tussen wat tot de inhoud van de site hoort (nietcommercieel) en wat informatie van een adverteerder is, vervaagt steeds meer: een prijsvraag is een verkapte advertentie en een spelletje is bij nader inzien afkomstig van een adverteerder. Deze reclamevormen bevatten meestal geen feitelijke boodschap die kritisch verwerkt kan worden door jonge kinderen. Ze zijn er voornamelijk op gericht om op een subtiele (interactieve) manier positieve associaties met een merk te creëren.

Digitale vaardigheden prominenter in onderwijs
Jonge kinderen hebben grote moeite om het commerciële karakter van reclames te doorzien. Volgens de auteurs van ‘Contact! Kinderen en nieuwe media’ ontbreekt het de kinderen aan digitale vaardigheden. Jongeren maken wel veel gebruik van het internet maar ontberen de essentiële vaardigheden van het kunnen beoordelen van informatie en het kunnen inzetten van internet voor het realiseren van hun doelstellingen. De auteurs vinden dat het leren van deze vaardigheden een prominentere plaats moet krijgen in het onderwijs. In het ideale geval gaan scholen werken met een leerlijn ‘informatievaardigheden’, die start in het basisonderwijs en doorloopt in het hoger onderwijs. Volgens Remco Pijpers en Jos de Haan is het daarbij belangrijk dat kinderen leren hoe ze zelf actief en creatief om kunnen gaan met nieuwe media, omdat het leidt tot mediawijsheid: “Moedig kinderen bijvoorbeeld aan om websites te maken, mits dat veilig gebeurt. Als kinderen in staat zijn inhoud te maken en te publiceren, zijn ze beter in staat om mediaboodschappen van anderen te begrijpen”, aldus Jos de Haan van het SCP.

Naast aandacht voor educatie ook reclame beter onderscheiden
Het aanleren van digitale vaardigheden aan jonge kinderen alleen is echter onvoldoende , zo blijkt uit het boek. Kinderen benutten namelijk de opgedane mediawijsheid nauwelijks als ze online met reclame worden geconfronteerd. “De beïnvloeding van kinderen via internet is emotioneel en subtiel. De rationele kennis die een kind heeft opgedaan, wordt online onvoldoende ingezet om een commerciële boodschap te doorgronden”, aldus Remco Pijpers van Mijn Kind Online. Hij vervolgt; “Naast het aanleren van digitale vaardigheden moet er nog duidelijker aangegeven worden wanneer een boodschap een commerciële bedoeling heeft. Dit kan goed in de Kinder? en Jeugdreclamecode. Organisaties zouden niet via sociale netwerken met kinderen onder de 13 jaar contact op mogen nemen zonder toestemming van de ouders.”


Geplaatst in

Delen



Er zijn 0 reacties op dit artikel

Plaats zelf een reactie

Log in zodat je (in het vervolg) nóg sneller kunt reageren

Vul jouw naam in.
Vul jouw e-mailadres in. Vul een geldig e-mailadres in.
Vul jouw reactie in.

Herhaal de tekens die je ziet in de afbeelding hieronder


Let op: je reactie blijft voor altijd staan. We verwijderen deze dus later niet als je op zoek bent naar een nieuwe werkgever (of schoonmoeder). Reacties die beledigend zijn of zelfpromotioneel daarentegen, verwijderen we maar al te graag. Door te reageren ga je akkoord met onze voorwaarden.