Hoe bepaal je hoe ‘disruptief’ technologie is voor jouw bedrijf?

Uitgelezen: Disruptive Technologies: Understand, Evaluate, Respond - Paul Armstrong

Hoe bepaal je hoe ‘disruptief’ technologie is voor jouw bedrijf?

Het boek met de ronkende titel Disruptive Technologies: Understand, Evaluate, Respond, van auteur Paul Armstrong, belooft veel inzichten en praktische handvatten. Helaas blijkt dat een klein beetje tegen te vallen. Een samenvatting van the good, the bad en the ugly.

The good

De auteur is naast schrijver ook adviseur en spreker op het gebied van technologische veranderingen. Het boek geeft vooral in de introductie een aardige overview van (de impact van) recente ontwikkelingen, zoals de toename in processorkracht, miniaturisatie, rapid prototyping, connectiviteit en lagere kosten van digitale opslag. Ook geeft het een zeer beknopte samenvatting van vijf ‘hot technologies’ die volgens de schrijver bij iedereen in het bedrijfsleven bekend zouden moeten zijn. Hiervan worden de voor- en nadelen besproken en er wordt een schatting gemaakt van de impact op het bedrijfsleven:

  1. Blockchain en Bitcoin
  2. ​Artificial intelligence en machine learning
  3. Holography, virtual reality en augmented reality
  4. 3D-printing
  5. Nanotechnologie en grafeen

Echt diep in de materie kom je niet, maar zeker voor ‘non techies’ is het aardige materie om eens door te scannen.

‘Emerging’ of ‘Disruptive’?

In het begin staat de schrijver stil bij het onderscheid tussen emerging technologies (‘not yet fully formed and usually never fully develop a final state of being’) en disruptive technologies (‘where speed and totatily are key for true disruption to occur’). Oftewel hoeveel iets nieuws daadwerkelijk verandert aan iets ouds, welke waarde dit creëert en hoe snel dit gebeurt.

Volgens de auteur verwijderen disruptieve technologieën vaak iets wat mensen niet waarderen uit bedrijven en processen en versterken ze in plaats daarvan zaken waar mensen wel gelukkig van worden, zoals geld en tijd besparen, betere keuzes maken, je beter kunnen uiten, et cetera. Hoe je precies moet identificeren welke technologieën slechts emerging zijn, en welke kans maken om disruptive te worden, wordt een beetje in het midden gelaten.

Toch is het wel interessant om de voorbeelden te lezen en enigszins te begrijpen wat voor impact dergelijke technologieën uiteindelijk kunnen hebben. Ook is het waardevol om zelf eens met die bril te kijken naar huidige disruptors’ CNBC publiceerde dit jaar de vijfde jaarlijkse Disruptor list (top 50 bedrijven). Kijk eens met het framework van Paul Armstrong naar dergelijke bedrijven en je kunt wat meer in detail ‘ontleden’ waarom deze bedrijven succesvol en ‘disruptief’ zijn. En die inzichten kun je ook weer op je eigen organisatie, producten en diensten proberen toe te passen.

TBD: Technology, Behaviour & Data

Armstrong introduceert als oplossing voor het identificeren van en reageren op disruptive technologies het TBD-framework: Technology, Behaviour & Data. Op deze drie assen kunnen ideeën en technologische ontwikkelingen worden gescoord. De simpele variant komt hier op neer:

  1. Maak een besluitvormingsmatrix (een soort risicomatrix waarbij je waarschijnlijkheid afzet tegen de potentiële impact). Belangrijk volgens Armstrong is om hierbij al van te voren te bepalen wat je gaat doen als iets een bepaalde score haalt, zodat hier achteraf geen discussie over ontstaat.

  2. Bepaal welke vragen je beantwoord wilt krijgen, iets als “wat moeten we doen als X?”

  3. Bepaal de TBD-scores in workshopverband, waarbij:

    • Technology - KAN de eindgebruiker doen wat van ze verwacht wordt;

    • Behaviour - ZAL de eindgebruiker doen wat we van ze vragen;

    • Data - zullen GENOEG eindgebruikers doen wat we vragen.

  4. Bereken de score en pas de eerder opgestelde besluitvormingsmatrix toe

De uitdaging zit hem uiteraard in de kwaliteit van deze invuloefening, oftewel de kennis en ervaring van de betrokkenen en/of de research die vooraf gedaan is. Overigens wordt ook een complexere variant van TBD besproken die meer gericht is op grote organisaties met complexe investeringsvraagstukken.

The Bad

Op zich snap ik de driedeling TBD wel, maar ik vind de methodiek toch een beetje verwarrend. Het lijkt erop dat Armstrong het model vooral gebruikt om business ideeën te toetsen, gezien de genoemde ‘end user’. Daarmee wordt mijns inziens alleen wel een behoorlijke sprong gemaakt van het identificeren van relevante disruptieve technologieën naar het vertalen hiervan richting oplossingen. Terwijl hier volgens mij misschien wel de grootste uitdaging ligt voor organisaties.

Verder zijn de beschreven megatrends uiteraard niet onzinnig, maar ze voelen tegelijkertijd ook een beetje ‘random’ aan. Waarom wordt er bijvoorbeeld niet stil gestaan bij ontwikkelingen in energieopwekking en -opslag, de deeleconomie, robotisering, genetische manipulatie, et cetera. De lijst met ontwikkelingen die een levensgrote impact hebben op de werking en toegevoegde waarde van je product, dienst of bedrijf is immers fors.

Dat vind ik ook meteen het manco aan dit boek. Het belooft een werkwijze te beschrijven om deze veranderingen te identificeren, te evalueren en actie te ondernemen. Maar voor mij ontbreekt de ziel en inspiratie in het proces. Daarnaast gaat het uiteindelijk gewoon over het omgaan met veranderingen binnen organisaties. De link met specifiek “disruptive technologies” is volgens mij een beetje zoek.

Het grootste deel van het boek gaat over interne (besluitvormings)processen, hoe je budget kunt vrijspelen in je organisatie en andere bureaucratische zaken waar je vooral mee te maken hebt in grote corporates.

Een beetje cynisch misschien, maar het is voor mij maar de vraag of deze corporates überhaupt in staat zullen zijn om adequaat te reageren op dergelijke veranderingen en zelf een disruptor kunnen worden. Of dat deze disruptors bijna altijd logischerwijs ontstaan buiten de gevestigde orde. Iets waar je ook uitstekend over kunt lezen in het 20 jaar oudere werk The Innovator’s Dilemma van Clayton Christensen.

The Ugly

Waar ik mij het meeste aan stoor in dit boek is dat er werkelijk tientallen pagina’s besteed worden aan open deuren en dooddoeners over timemanagement, brainstormen en andere tools en tricks die je waarschijnlijk al honderd keer gehoord hebt en die op mij overkomen als pure bladvulling. Bijvoorbeeld testjes om te kijken of je een ‘egel’ of een ‘vos’ bent en hoe dit je vermogen tot het voorspellen van toekomstige scenario’s beïnvloedt. Of wat dacht je van geweldige inzichten als dat je bij een workshop dingen nodig hebt als tafels, post-its, pennen en water voor de aanwezigen?

Een tipje hier en daar zou prima zijn geweest, maar hij gaat hier werkelijk pagina’s lang over door. Voor organisaties die werkelijk nog nooit een workshop hebben georganiseerd misschien waardevol, maar voor de gemiddelde lezer denk ik zwaar overbodige informatie. Of informatie die je dan beter uit andere specifiekere boeken kunt halen.

De kernvraag over welke technologieën nu disruptief zullen blijken in je industrie, en hoe je hier creatief op in kunt springen, sneeuwt op die manier onder door de algemene organisatie-adviezen

Of je als manager of marketeer iets van waarde uit dit boek kunt halen, hangt waarschijnlijk vooral af van de omvang van de organisatie waar je in werkt. In mijn optiek is het boek eigenlijk een beetje een klassieker ‘innovatiemanagement’ met een lekker ‘opgehyped’ sausje. Desalniettemin wellicht toch een aardig beginpunt voor mensen om in elk geval een start te maken met nadenken over ontwikkelingen op de langere termijn en de impact hiervan op hun organisatie.

Credits afbeelding: Paul Armstrong (http://www.paularmstrong.net/), licentie: Alle rechten voorbehouden

Geplaatst in

Delen

0
0


Er zijn 0 reacties op dit artikel

Plaats zelf een reactie

Log in zodat je (in het vervolg) nóg sneller kunt reageren

Vul jouw naam in.
Vul jouw e-mailadres in. Vul een geldig e-mailadres in.
Vul jouw reactie in.

Herhaal de tekens die je ziet in de afbeelding hieronder


Let op: je reactie blijft voor altijd staan. We verwijderen deze dus later niet als je op zoek bent naar een nieuwe werkgever (of schoonmoeder). Reacties die beledigend zijn of zelfpromotioneel daarentegen, verwijderen we maar al te graag. Door te reageren ga je akkoord met onze voorwaarden.