‘Geven om te ontvangen’ met The Guardian Open Platform

28 september 2009, 07:24

De Britse kwaliteitskrant The Guardian besloot dit jaar via het Guardian Open Platform alle content beschikbaar te stellen voor derden via een content API. Een verwant project is de Guardian Datastore, waarin ruwe data van The Guardian beschikbaar zijn voor (her)gebruik. Een eigenwijze koers voor een dagblad in een tijd van Murdochiaanse maatregelen. Ik mailde Matt McAlister (Head of Guardian Developer Network) een aantal vragen over het succes van Open Platform. Deze blogpost is gewijd aan de filosofie achter Open Platform, later deze week volgen 10 mooie toepassingen van de content API en de Datastore.

Verdienmodel

Gevraagd naar het verdienmodel achter Open Platform houdt McAlister zich op de vlakte, en over winstgevendheid doet hij al helemaal geen uitspraken:

We see several different types of opportunities unfolding. We knew there would be some interesting advertising solutions, and we knew this would be a nice addition to the current syndication business. But we’ve also started seeing people come to us with ideas that we might be able to make money from.

Bereik

In de strijd om de aandacht van de nieuwsconsument werkt de krant innovatief aan het uitbreiden van het bereik. Men heeft begrepen dat men moet zijn op de plaats waar de gebruikers zijn. Elders betoogt McAlister dat ‘opening in’ (gebruikers ingang bieden op je platform) daar evengoed bijhoort als ‘opening out’ (content verspreiden via platforms als RSS, social media of Twitter). Media moeten optimaliseren waar zij goed in zijn:

” Media organizations should improve how they facilitate information flow. This is actually what journalism has always been all about, releasing important information to people in a useful way. The media businesses that figure out how to make information flow more fluidly across the entire Internet are going to win over time.”

Netwerk-effect

Het antwoord van The Guardian op de nieuwe uitdagingen is duidelijk: na het scoren van pageviews (web 1.0) en slimme distributie (web 2.0) zet The Guardian dus nu in op het netwerk-effect (web 3.0) met de bijbehorende totale openheid. Ieder onderdeel van het netwerk wordt immers waardevoller naarmate het netwerk groter wordt. Ieder onderdeel voegt immers betekenis en (mogelijke) connecties toe.

En de verdiensten? McAlister:

“If you need clarity on the revenue model, look no further than Google’s AdSense. AdSense accounts for well over 30% of Google’s total revenue. They wrote checks totalling about $3 billion in the first half of 2008 to all the partners who carry the ‘Ads by Google’ ad unit out there. That’s a pretty good incentive to participate in their ecosystem.”

Dit bericht verscheen eerder op Publishr, weblog voor uitgevers

Hugo Louter
contentstrateeg/online marketeer bij 2meter1 Analytics

Zelfstandig contentstrateeg, online marketeer en analist. 2meter1: online marketing en analytics voor organisaties met een hart.

Categorie
Tags

3 Reacties

    Feeder

    Interessant stuk Hugo. Wat ik me afvraag: denkt de Guardian te kunnen verdienen aan ads die derden rond hun content plaatsen? Ik denk dan aan alle slimmeriken die mooie landingspages creeren met de contentblokken van de Guardian en daar hun AdSense-account op aansluiten. Die vullen dan hun zakken, niet de Guardian. Of interpreteer ik jouw laatste alinea verkeerd?


    28 september 2009 om 10:54
    hugolouter

    Ik kan niet voor Matt McAlister spreken, maar ik vermoed dat men enige controle houdt door de content API niet zomaar aan iedereen te verstrekken. In zijn antwoorden focust McAlister overigens meer op deals met grote gebruikers van de API dan op Google Ads.


    28 september 2009 om 11:19
    media

    Absoluut interessante ontwikkeling! Denk dat Hugo gelijk heeft en The Guardian richtlijnen zal koppelen aan het gebruik van de content. Op die manier garanderen ze dat ze (ook) inkomsten zullen krijgen via contextual ads.


    30 september 2009 om 03:27

Marketingfacts. Elke dag vers. Mis niks!

Welke nieuwsbrief