Arme Freelancers, Rijke Freelancers – Succes is en blijft een keuze

3 mei 2022, 09:00

Veel freelance journalisten die klagen, zien het verschil niet zo goed tussen hobby en werk

De kloof tussen arme en rijke freelance journalisten wordt steeds groter, onder andere dankzij DPG Media dat freelancers het liefst beloont met boekenbonnen en een schouderklopje. Er zijn rijke en arme freelance journalisten. Die waren er dertig jaar geleden. Die zijn er vandaag de dag. En die zullen er over dertig jaar zijn. Rijk worden als freelancer is een keuze.

Een paar jaar geleden was de wereld, nou ja een deel van de wereld, in de ban van Piketty, de ongelijkheidseconoom. De wereld kon, vond Piketty, een stuk gelijker worden. Hoe bestaat het dat in de 21ste eeuw nog altijd sommige mensen de hoofdprijs verdienen en anderen niet? En hoe kan het dat de een vermogend wordt (mede door structureel hogere inkomsten) en de ander niets aan vermogen opbouwt? Veel freelance journalisten, vooral de onderbetaalde, zullen Piketty met instemming hebben gelezen.

Onderbetaald

Recent laaide de discussie over onderbetaalde freelancers in de media op. Op OneWorld, u kent het medium ongetwijfeld van horen zeggen, stond een stuk over freelance journalisten en dat ze zo schandalig weinig verdienen. Op Twitter startte Carolien Vader, beter bekend als Bladendokter, een gesprek. Verderop meer daarover.

Eerst even iets over m’n moeder. Zij kreeg in de jaren negentig als freelance journaliste per maand een afrekening voor alle geleverde stukjes aan uitgeverij Tijl (later Wegener). Ze schreef een compleet krantje vol en ontving aan het eind van de maand dan maximaal driehonderd gulden.

Ze klaagde niet. Want het was haar hobby. Ze had altijd voor de klas gestaan en nu had ze als zestiger gewoon nog iets leuks te doen. Naar de lokale slager, de sportvereniging, de opening van de pizzeria en soms een gesprekje met de wethouder. Kladblokje mee, stukkie tikken, klaar ben je.

Een leuke hobby.

Veel freelance journalisten die nu klagen, zien het verschil niet zo goed tussen hobby en werk.

Hobby

Werk is iets waar je geld voor krijgt, omdat jouw tijd en inzet geld waard zijn. Hobby is iets wat je doet omdat je het leuk vindt, niet omdat je er ook nog een paar euro voor krijgt.

Ja, het voelt gruwelijk onrechtvaardig dat een bedrijf als DPG Media een fooi geeft aan mensen die het hele weekend langs de amateursportvelden staan, of die BN’ers zinnige en onzinnige quotes ontfutselen. Groot onrecht. Want inderdaad, zij van DPG Media verdienen ontzettend veel geld (het bedrijf zet 1,9 miljard euro om en houdt daar netto 228 miljoen euro aan over).

Maar blijkbaar schat de markt het werk van deze freelance journalisten in als hobby. Ze laten zich al decennia betalen als hobbyisten. Dus DPG houdt daar rekening mee in de begroting. Freelancers werken voor bijna nop. Dat doen ze zelf. En als zij het niet doen, doen anderen het.

Gespecialiseerde en allesbehalve armlastige freelancers Anja Corbijn en Bas Hakker (ook blogger op Marketingfacts) twitterden iets, naar aanleiding van de tweet van Bladendokter Carolien Vader. Ze benadrukten dat het loont om te specialiseren. Eigenlijk hebben ze het over echt iets kunnen. Ergens iets vanaf weten.

Een stukje schrijven voor het AD waarin je drie tweets van Ali B. onder elkaar zet; da’s geen journalistiek. Dat kunnen kinderen van zestien ook. Een paar uur CMS-training is voldoende. En natuurlijk helpt het als ze de Nederlandse taal min of meer machtig zijn. Het heeft niets met vakmanschap te maken. Het is een hobby.

Een analyse schrijven over de obligatiemarkt in Europa is nét even moeilijker. Daarvoor krijg je 125 euro per uur betaald. Heb je voldoende opdrachtgevers, dan zit je snel aan anderhalve ton omzet per jaar. Een beter inkomen dan veel van je opdrachtgevers.

Succes is een keuze. Aldus John uit de Cup-a-soup-reclame uit een grijs reclameverleden. Dat de freelancers van de catering bij DPG Media beter betaald krijgen dan freelance journalisten moet de freelance journalisten aan het denken zetten.

Dit artikel verscheen eerder op Linkedin.

Aart Lensink
Directeur bij LVB

Aart Lensink is directeur van LVB. 'We zien LVB als een club. Club LVB. We zijn méér dan zomaar een bureau. Merken bouwen en omzet laten groeien. Dat is wat we voor onze klanten willen. Dat lukt als je het grote plaatje snapt én als je gespecialiseerde teams kunt inzetten. Daarom zijn we full-service én full-specialist. Gespecialiseerde teams die nauw samenwerken om merkverhalen consistent te vertellen. We zijn specialisten die het grote plaatje snappen. Inhoudelijk gedreven. Op z’n tijd eigenwijs. En altijd de beste willen zijn.'

Categorie
Tags

Marketingfacts. Elke dag vers. Mis niks!

Welke nieuwsbrief