Trends tot 2100, deel 4: de remmende factor

Wat houdt innovatie tegen?

Trends tot 2100, deel 4: de remmende factor

Als we morgenochtend wakker zouden worden en we zouden alles zijn vergeten van landen, van normen & waarden, van wetten, van bedrijven, van aandelenbeurzen, van werk, en van geld, hoe zouden we dan de wereld opnieuw inrichten? Waarschijnlijk is het dan eerst even schrikken. We zouden even wat glazig kijken naar alle technologie die we voorhanden hebben en er vervolgens mee aan de slag gaan. Even uitgaande van het goede in de mens: zouden we beeldschermen maken met voorgeprogrammeerde content (wat we nu televisie noemen?) Zouden we omroepen oprichten die zich beperken tot een stuk willekeurig gekozen geografisch gebied? Drukpersen om kranten te maken? En zomaar bedrijven toestaan grote borden door de stad te verspreiden? (noemen we nu outdoor advertising). Zouden we wetten maken die ophouden bij een paar lijntjes op de wereldkaart? Of zouden we het heel anders doen?

Wat zouden we anders doen als we morgen de ideale wereld mogen maken met huidige technologie? En waarom doen we dat dan niet? Wat houdt ons dan nu eigenlijk tegen? En moet er gebeuren om een doorbraak te bereiken? Dat is het onderwerp van deze posting, deel IV van deze serie 'Trends tot 2100': 'de remmende factor'. Ga er even voor zitten, het is een heel verhaal.

Wat de ontwikkelingen fundamenteel tegenhoudt

Dacht je direct aan 'chaos' toen je de inleiding van dit stuk las? Meteen aan geweld? Aan het opkomen voor je rechten? Aan vechten voor je eigendommen? Logisch!! Het zou natuurlijk eerst een puinhoop worden. Bij de meeste mensen, veruit de meeste mensen, zou direct een oerinstinct vrijkomen om je eigen omgeving te beschermen. In elk geval je familie, partner en kinderen, maar snel daarna ook je huis, je bezittingen en je maatschappelijke positie. Wat je in een heel leven hebt opgebouwd wil je tenslotte toch niet verliezen. Toch?

Daarin zit meteen wel de essentie: doordat we allemaal, een voor een, eigenlijk niet willen verliezen wat hebben opgebouwd, houden we elkaar in de houtgreep, zitten we muurvast in gedragspatronen, in impliciete verwachtingen. En die patronen zijn soms zelfs geformaliseerd in wetten, verdragen & contracten, waardoor we met kennis weten wanneer we ons recht staan, onze eigen onzekerheid wegnemend, onze angsten voor chaos onvoelbaar gemaakt. "Wetten zijn gestold wantrouwen", zei iemand laatst tegen me, en juist dat wantrouwen in die ander is dé grote rem op innovatie.

Dat wantrouwen kan zich op allerlei manieren uiten: door geografische restricties van auteursrechten, betaalsystemen, democratie en patenten. Wantrouwen wordt impliciet doorgegeven door taal en cultuur en wordt in stand gehouden door onszelf: door de Marketingfacts-lezer, door jou, door mij. We houden zelf onze eigen innovatie tegen en tegelijkertijd willen we liever niets anders dan innoveren en creatief zijn. Hieronder leg ik uit wat ik bedoel.

"Wetten zijn gestold wantrouwen."

Auteursrechten

Als je from scratch mag nadenken over muziekrechten, zou het zo simpel kunnen zijn: ergens op aarde schrijft iemand een mooi liedje, tekst en/of melodie, gaat naar een website en claimt zijn of haar creatie. Jij of iemand anders mag het nummer gaan spelen, ten uitvoer brengen, om jouw variant weer te uploaden. Elke keer bij het afspelen worden auteur, zanger(s) én muzikant(en) een heel klein beetje beloond. Als je alleen de tekst wilt (om zelf de muziek bij te maken), of alleen de muziek (om een eigen tekst mee te zingen), betaal je wat minder. Wil je beeld erbij (eerst een videoclip, later een 3D-holoprojectie), betaal je weer wat meer. Wil je ook de artiest nog boeken in je huiskamer, dan ben je paar handelingen en wat centjes verder. Met wat simpele API's kan je zorgen dat muziek overal kan worden afgespeeld en tegelijkertijd ook betaald. Handig voor in de kroeg, of voor in een game.

Je standariseert het hele proces in een ISO-standaard zodat verschillende aanbieders van dit creatie-belonings-systeem lekker wereldwijd met elkaar kunnen concurreren. Lekker simpel. Maar geen auteursrechtenorganisatie die het met me eens is uiteraard, want die willen graag behouden wat ze al hebben. En lokale overheden staan vierkant achter ze. En in verkiezingsprogramma's zijn dit soort dingen geen issue, dus door beperkingen in het democratisch stelsel gaan wij burgers impliciet gewoon akkoord. Er zijn wel ontwikkelingen, bijvoorbeeld CDBaby, maar ze gaan vooral traag, héél traag.

Met videorechten gaat alles zo mogelijk nog trager. In mijn boek uit 2005 voorspelde ik dat we één grote (virtuele) wereldwijde video repository zouden krijgen met alle films en TV-programma's die ooit zouden gemaakt, waarbij entertainment coaching brands voor ons gepersonaliseerde avondjes op de bank zouden verzorgen. Lekker zitten, niet denken, geen keuzes, maar lekker genieten, net als in het theater. Entertainment zoals entertainment is bedoeld. En hoe graag ik het zelf ook zou willen, daar we zijn nog lang niet!

Technisch kan dit natuurlijk al lang, maar we zijn nog altijd aan het prutsen met wat modellen, zijn verstrikt geraakt in rechten, macht en geld. En na heel veel onderhandelingen komen er alleen maar compromissen uit. Ik zie echter ook de oplossing opborrelen uit onverwachte hoek: met het vorderen van de crisis zie ik steeds meer goede creatieve filmmensen werkloos worden, zie ik beeldregistratietechnologie steeds goedkoper worden, en zal het niet lang meer duren voordat high quality content - en dan ik heb het over blockbusters - massaal crowdfunded zal worden geproduceerd en aan de grip van bestaande productieketen zullen ontglippen. Dat biedt ook totaal nieuwe mogelijkheden voor internationale distributie.

De consument grijpt de macht! Eindelijk! Ook dit probleem komt vanzelf goed. Van het bestaande systeem hoeven we echt geen verandering te verwachten.

Ons middeleeuwse banksysteem

De tendens van de afgelopen jaren is: "Blame the banks". De graaicultuur!! Ik ben het hier helemaal niet mee eens. Bij banken werken mensen, gewoon mensen, en die functioneren zo goed en zo kwaad als dat gaat in een systeem van banklicenties, anonieme (!) maar veeleisende aandeelhouders en de hiervan afgeleide prestatiedruk op het individu. Binnen deze onnatuurlijke omgeving gaan mensen zich onnatuurlijk gedragen. Dat kan je die mensen niet kwalijk nemen, zelfs de topbestuurders niet. Niet voor niets zitten zoveel mensen overspannen thuis, of zelfs met een burnout, zich af te vragen hoe ze verder moeten met het leven. Ik stuur ze alleen maar liefde en aandacht, zonder een enkele veroordeling op het gedrag van het banksysteem als geheel. Met confrontatie komen we er niet. Echt niet.

Tegelijkertijd moet er wel iets gebeuren, deze tijd vraagt om banking nieuwe stijl. Stel alles is weer weg: 7 miljard mensen op een aardbol, glazig naar elkaar aan het kijken. Hey! Iedereen kan iets! Iedereen heeft talent! We gaan elkaar helpen, we gaan spullen maken, we gaan ruilen. En we zullen een systeem nodig hebben waardoor we dingen of diensten van ongelijke waarde (niet: ik doe jouw tuin, schilder jij mijn deur) toch kunnen uitwisselen. Daar hebben we ooit goud voor bedacht, dat later de vorm van papiergeld aannam, en nog later een saldo op een bankrekening. Dat is de essentie van een banklicentie: namens de overheid mag een organisatie binnen geografische grenzen transacties tussen mensen faciliteren. En hoe simpeler, hoe beter. Het gaat om het de uitruil, niet om het faciliteren zelf.

Hoe complex het bankproces vroeger was - met al hun data werden bij banken in de jaren zestig de eerste computers geïnstalleerd - hoe eenvoudig zou het nu moeten zijn. Het betalen van (rechts)persoon naar (rechts)persoon is namelijk niet meer dan een extreem simpele databasetransactie. Het gaat om één berichtje dat een geverifieerde ontvanger, betaler en bedrag en currency bevat, en dan nog wat handshakes (technische checks voor correcte afhandeling aan beide zijden). Het is een lachertje vergeleken met de Big Data-uitdagingen van vandaag. Banken zouden hele simpele organisaties moeten zijn.

Internationaal zou de eis moeten zijn: iedereen die is ooit geïdentificeerd namens een (nationale) overheid (ooit ergens z'n paspoort heeft laten zien) moet kunnen handelen met elke andere wereldburger, én - heel pikant - je moet betalen aan de bank per transactie (denk aan 0,01% en dalend). Dat begint dus met een online identificatieservice vanuit de overheid - een soort DigiD, maar dan internationaal, en ook te gebruiken voor 3th parties - waarmee je niet alleen kunt handelen, maar ook bijvoorbeeld (internationaal!) contracten tekenen, en akkoord geven op het ontvangst van goederen en diensten. Alles tapt direct in boekhoudingen en geven beide partijen een update van hun financiele status. Hoe simpel kan het zijn? Scheelt heel veel notarissen, accountants en bankiers. We lopen voortdurend tegen grenzen aan van ons eigen denken, tegen grenzen van regelgeving die we in het verleden hebben bedacht. Regels voor notarissen, accountants en bankiers komen nog uit het stenen tijdperk, in elk geval uit het papieren tijdperk. Waar blijft de echte innovatie?

Betaaldiensten

Waarom heeft de WTO nog geen standaard ontwikkeld waar elke willekeurig bedrijf internationale betaaldiensten mee kan ontwikkelen zoals ooit bij SMS (ik heb zelf ooit nog aan de wieg gestaan van SMS). Het antwoord is heel simpel: omdat nationale overheden die macht niet bij WTO durven leggen, en partijen die met dit soort voorstellen komen krijgen geen kiezers, want we zijn als de dood om macht uit handen te geven. Aha, kiezers.... Dat zijn wij! Dus aan wie ligt het nu eigenlijk? Bovendien het heeft het verleden bewezen dat macht wordt misbruikt. Maar het kan nu toch anders? Waarom doen we dat dan niet? Zie straks ook het kopje 'democratie'.

En dan schreewt onze nieuwe internationale mediaomgeving ook nog eens om nieuwe betalingsvormen. Stel, je kijkt een film (of luistert muziek, speelt een game, in het algemeen: gaat door een virtuele ervaring). Dé logische manier om dit af te rekenen is niet door advertising erin te proppen (dat willen mensen namelijk helemaal niet) maar betalen per minuut. De eerste vijf minuten zijn dan bijvoorbeeld gratis, kan je even proberen, en daarna betaal je voor het gebruik, met verschillende tarieven, net als warm en koud water uit de kraan. "Hoe moeilijk kan het zijn?", dacht ik in 2005. We kennen toch al 0900 nummers? Technisch kan dit toch allemaal? "De consument heeft er belang bij, dus komt het er vast", was mijn stelling. En nu is mijn antwoord op mijn eigen vraag "Waarom is het er nog niet?" dat nationale overheden helemaal geen belang hebben bij internationale betaalinnovaties. Dat is grappig: waarom valt het belang van de burger niet samen met het belang van de overheid? We leven toch in een democratie? Hey, weer democratie? Zou er iets mis zijn met het eeuwenoude fundament van ons natie?

Het kan allemaal zo simpel zijn. Laat ik nog één voorbeeld geven in dit paragraafje. Stel we maken wetgeving waarin we banken dwingen dat elke rekeninghouder toegang moet krijgen tot een formulier: switch bank. Daar selecteer je je rekeningen en de nieuwe bank (uit elke mogelijk land) en de gewenste currency en drukt 'ok', nog even via DigID bevestigen, en je kan vervolgens direct inloggen bij je nieuwe bank en verder gaan met je transacties, waarbij je historie en adreslijst gewoon behouden blijft. Een beetje standaardiseren en banken kunnen voor 90% gaan afslanken. Het belang om dit door te voeren ligt echter niet bij de banken - dat mag duidelijk zijn - want die mogen al hun collega's ontslaan en blijven liever bij de status quo. Door banklicenties houden zij macht en controle en behouden zijn hun eigen banen, eigendommen en sociale status. Zo komen we bij de volgende kop.

De patent- & licentielobby

De meest volhardende rem op innovatie zijn de lobby's: industrieën met patenten of zorgvuldig uitgegeven licenties die letterlijk met veel geld lobbyisten permanent zich laten settelen naast de nationale beslissers met als enige doel: behoud.

De wapenlobby is zo'n lobby. Hoe kan het toch dat wetgeving in de US zo moeilijk verloopt? De rooklobby is ook zoiets om van te gruwelen. Hoe kunnen we mensen helpen die 'nee' zeggen tegen het leven (wat roken in feite is?). Maar in Nederland kan de pharmalobby er ook wat van. Een branche die totaal geen belang heeft bij gezondheid van mensen, maar alleen bij zieke mensen. Met patenten op geneesmiddelen die mensen hun hele leven moeten slikken, in plaats dat ze worden genezen, of - nog beter - de ziekte niet eens krijgen. Aan een aids-vaccin kan je natuurlijk veel minder verdienen dan aan een aids-onderdrukkingsmiddel. Dat geldt ook voor ziektekostenverzekeraars: stel dat niemand meer ziek zou worden, dan kunnen ze hun kantoren wel sluiten, en verliezen duizenden mensen hun baan. Of de telecomwereld, die het liefst ons had willen laten betalen voor diensten die zouden concurreren op hun antieke SMS-service? En als je een uitvinding hebt waarbij auto's 5x zo zuinig kunnen rijden, dan betaalt een oliemaatschappij je met liefde een paar honderd miljoen en verdwijnt je patent onder in de la, die honderd miljoen is er zo uit. En zo kunnen we nog even wel even doorgaan.

Alle industrieën met licenties en patenten trekken macht naar zich toe, en gebruiken vanuit het macht = geld-principe de ontstane ruimte om hun positie bij voorkeur voor altijd zo te houden. Blijven we met z'n allen klagen of gaan we er iets aan doen? Licenties en patenten worden toch uitgeven door overheden? En we leven toch in een democratie? We hebben toch een stem? Waarom gebruiken we die niet? Waarom werkt het niet? Het wordt duidelijk dat er iets fundamentelers aan de hand is.

Het internet, een heel broos fundament

Het controversiële is dat we elkaar massaal in de tang houden met onze rechten, licenties en patenten, gebaseerd op wantrouwen, maar vervolgens wel massaal een hele globale economie gaan bouwen op een superonbetrouwbaar fundament: het internet. Natuurlijk was het te voorspellen dat captcha's (die woordjes die je soms moet overtypen om aan te tonen dat je mens bent) snel zouden worden gekraakt; computers zijn immers veel beter in puzzeltjes dan mensen.

De problemen laatst bij ING zijn dan ook eerder slechts een voorbode van wat er komen gaat, dan wat kinderziektes die we nog even moeten oplossen. Cybercrimedeskundigen zeggen dat de slag tegen de hackers is verloren. Er komt een moment waar alle grote nationale en internationale websites er voor een maand uitliggen. Het is allemaal zo gammel als ik weet niet wat. Het is alsof we bij elke grens een boekje neerleggen waar je je naam moet opschrijven als je het land binnenkomt, en dan vertrouwen dat iedereen z'n eigen naam zal opschrijven. Hoe onveilig willen we het hebben? Raar genoeg hebben we allemaal wel vertrouwen dat dit allemaal goedkomt. We durven er gewoon niet aan te denken...

Op dit moment moeten we wel veel tijd, energie en geld besteden in het oplappen van de ontwerpfouten in het huidige internet (hoewel we die niemand kwalijk kunnen nemen, het was helemaal niet ontworpen voor consumentengebruik). Ik geloof dat 99% van de e-mail tegenwoordig al spam is (wordt wel aardig gefilterd, maar het is wel een enorme belasting voor het netwerk). Viruscheckers, malware, captcha's, allemaal lapmiddelen.

Wat we nodig hebben, is een geheel nieuw internet dat geschikt is voor massaal consumentengebruik. Een internationale systeem waarbij overheden verantwoordelijk zijn voor het gedrag van hun onderdanen. Waar anoniem gebruik niet langer mogelijk is, waar je dus altijd bent aangemeld met je (internationale) BSN-nummer, maar je nog wel als pseudoniem actief kan zijn, voor sommige situaties (al is het alleen maar voor zoiets onschuldigs als Sinterklaaslootjes), maar als het puntje bij paaltje komt, is je identiteit door bepaalde instanties wel te achterhalen.

Selectieve toegang begint met weten met wie je te maken hebt, en dat roept weer om een sluitende bevolkingsadministratie - heel normaal in Nederland, maar zelfs in Europa of de VS nog niet eens standaard. We moeten uiteraard naar één wereldwijd burgerservicenummer (BSN), maar terwijl ik dit schrijf, voel ik de weerstand van de lezer: dat gaat er nooit komen. Ik denk het wel, maar wel nadat we ons lesje hebben geleerd. We zullen eerst onze angsten tegen globalisering moeten overwinnen en op moeten staan voor een nieuw gebalanceerd, wereldwijd besturingssysteem; democratie 2.0 zeg maar. En wij Nederlanders niet alleen, maar álle wereldburgers.

Taal & cultuur

Voor echte innovatie moet je jezelf toestaan anders te denken. Out-of-the-box is een must. In mijn workshop met top-brandmanagers in Pakistan (echt de top, dat kan ik zeggen) heb ik het voorrecht gehad dat te mogen ervaren: zij waren zeer goed op de hoogte van de technologietrends in de wereld, maar even creatief brainstormen was er niet bij; het viel totaal plat. Ik was flabbergasted! Mijn inzicht volgde snel: een cultuur waarin jouw mening niet op prijs wordt gesteld, is killing voor creativiteit. En Pakistan is zo'n cultuur.

We mogen ons in Nederland gelukkig prijzen. Nederland is voorloper in de wereld op dit gebied. In niet veel landen kan je zomaar roepen wat je wilt, tegen elke autoriteit, inclusief je ouders, je baas en overheden. Dat kan eigenlijk verder alleen nog in bijvoorbeeld Zweden en Denemarken (daar zijn zelfs getallen van, vastgelegd in de PDI-dimensie voor Nederland). In ons creatieve landje mag je zeggen wat je wilt, kun je denken wat je wilt, kan je uitkomen voor wie je bent. Heel fijn, daar mogen we echt heel blij mee zijn! Daarmee mogen we kinderlijk creatief zijn en continu nieuwe ideeen bedenken. Heerlijk!

Toch komt de Nederlandse innovatieve power maar beperkt de wereld in. Wij zouden een wereldspeler moeten zijn! (Ik durf de woorden van Balkenende niet te herhalen.) In mijn mening houdt onze taal ons tegen. Ook dit artikel zal alleen beschikbaar zijn in het Nederlands en zal CBS, BBC en de New York Times nooit bereiken. Geen journalist zal me nabellen, echt niet.

De oplossing is simpel, Nederland: schakel vanaf 30 april over op het Engels. Dat is een mooie symbolische datum en daarna hebben we alleen Oud-Nederlands nog als keuzevak op de universiteiten. Over honderd jaar kraait er niemand meer naar. Na een korte gewenningsperiode trekken we al profijt vanaf 2014. Maar je voelt 'm al: dit gaat natuurlijk niet gebeuren. Want wij willen dit niet. Wij willen onze cultuur beschermen voor toekomstige generaties. En zo zijn we geen haar beter dan ieder ander. Wij willen helemaal geen verandering...

En bovendien is dat niet alleen een Nederlands probleem. Toen ik vorig jaar een voordrachtje gaf bij een taalcongres in Brussel, kwam ik in contact met het echte Europese Commissie-denken. De opinie was dat we moeten werken aan (ver)taaltechnologie, zodat we allemaal onze eigen taal konden blijven spreken. Met 3.000 vertalers hebben we een enorm waterhoofd gecreëerd van de EC, powered and sponsored by us, en tegelijkertijd moeten we als Europa wel concurreren met bijv. de VS waar deze enorme kostenpost helemaal niet bestaat, Amerikanen spreken namelijk allemaal Engels. Niet alleen handig, maar ook effectief en goedkoop. Stuur EC-mensen allemaal een jaar op rondreis door de VS! Spreken ze vloeiend Engels... Even investeren,, maar dan heb je ook wat. Als we allemaal blijven doen wat we deden, worden alle problemen nog groter dan ze waren. Alleen anders denken kan dit oplossen.

Als we morgen wakker worden, met andere gewoontes en een andere taal, worden we dan ongelukkig? Natuurlijk worden we niet ongelukkig. We zijn drager van een cultuur, daar zijn we trots op, daar mogen we trots op zijn. Maar cultuur moet iets zijn dat je meeneemt, en niet iets dat in je leeft. Als jouw cultuur verdwijnt, moet jij gewoon door. Maar het is lastig. Het is echt lastig dit in jezelf op te zoeken. Angsten voor andere culturen, voor andere gewoontes, bij al die mensen op de planeet, gaat innovatie zeker niet helpen. Zodra het ook maar een beetje mis gaat met de economie dan weten populisten ons snel te bereiken met de boodschap dat vroeger alles beter was, en dat er vooral niets moet veranderen of nog erger: terug naar vroeger. En zo is angst voor iets anders een hele belangrijke rem op innovatie.

In onze ratiomaatschappij moeten wij angsten op een rationele manier kunnen delen, vanuit ons hoofd dus. Je moet namelijk, heel apart eigenlijk, je gevoel kunnen beargumentereren, om daarmee ideeën voor echte innovatie te kunnen pareren. Deze idea killer poster van het COCD laat de woorden zien die wij kiezen om niet bij onze angsten te hoeven komen (met dank aan Paul Heere van LimeTree).

Democratie

Of we het nu hebben over auteursrechten, over het Internet, over patenten en licenties, over taal en cultuur, iedere keer komt democratie weer ter tafel. Dat mooie systeem dat ons zoveel heeft gebracht en dat niemand ter discussie durft te brengen. Maar ook democratie komt ergens vandaan.

Ooit leefden wij in tribes, kleine groepen van mensen, met een duidelijke rolverdeling tussen mannen en vrouwen. In onze stammen hadden we allemaal onze bijdrage en gaven we samen vorm aan de manier van samenleven. Door taakverdelingen konden leefgemeenschappen groeien, dat bood voordelen, maar verloren we wel de persoonlijke invloed op de tribe. Daar kwam uiteindelijk democratie voor in de plaats: via papier konden we om de paar jaar iemand kiezen die ons op dagelijkse basis vertegenwoordigde. Er werd niet langer gevraagd naar onze mening, maar er werd gevraagd iemand vertrouwen te geven. En dat model, gebaseerd op papier (de stem op het stembriefje) is tot op de dag van vandaag in stand gehouden. In het begin kenden we die vertegenwoordigers nog persoonlijk, maar met het verder groeien van gemeenschappen moesten we maar luisteren naar wat ze te zeggen hadden en op basis van deze indruk beslissen.  

Met de introductie van democratie hebben we niet alleen vertrouwen gegeven, maar ook macht, de macht om te beslissen kwam bij een hele kleine groep te liggen, en we hadden geen idee meer of dat werkelijk in jouw belang zal zijn. Maar dat was inherent aan democratie 1.0. In een beetje verkiezingscampagne wordt een aantal onderwerpen uitgelicht, maar komt de rest niet eens ter sprake. Als partij kan je immers niet weten wat je de komende vier jaar gaat tegenkomen. Politicologie werd een vak met als hoofdactiviteiten het beïnvloeden van de publieke opinie en het omzeilen van dingen waar je geen verstand van hebt.

Democratie heeft volop beperkingen. In een kort tijdbestek moet je als partij uitleggen waar je voor staat, terwijl er duizenden onderwerpen zijn. Ook heb je beperkte mediatijd (op TV, radio), beperkte burgertijd (je kan niet 24 uur luisteren naar een politicus) en beperkte ruimte (bijvoorbeeld in de krant). Als gevolg moet je je als partij, net als ieder merk overigens, een goed profiel maken van jezelf, en je helder positioneren ten opzichte van de ander partij. De noodzaak voor positioneren is een gevolg van een oude beperkingen in het mediasysteem.

Ook zijn de onderwerpen lang niet geschikt voor iedereen. Kijk, of er een wipkip of een klimrek moet komen in de speeltuin om de hoek, daar kunnen veel mensen over meebeslissen. Dat geldt ook nog voor afschaffen van buitenreclame (in het kader van 'laten we de stad mooi maken'), de aanleg van een fietspad of het uiterlijk van het nieuwe gemeentehuis. Daar zou je een mailtje over moeten krijgen van je gemeente, zodat je even online kunt meediscussiëren en -beslissen. Maar wat wij doen is een referendum uitschrijven over de Europese grondwet en dat is natuurlijk te ingewikkeld voor de gewone man. Die kletst dan gewoon de grootste populisten na. Geen idee waar die over beslist.

En nu denken we dat we de democratie zoals 'ie is in stand moeten houden. Het is tenslotte iets wat we hebben verworven in het verleden, dus moeten we het behouden. Maar inmiddels is de techniek wel iets verder dan papier. Bij grotere bedrijven worden er nu al allerlei online tools gebruikt om razendsnel, internationaal meningen te polsen over een onderwerp. Los van persoon, los van ego, los van macht.

Democratie 2.0

Democratie 2.0 zou ook zo kunnen werken. In plaats van te werken met vertegenwoordigers, vragen we gewoon de mening van Nederland over een bepaald onderwerp. En te stemmen als je hebt bijdragen in de discussie en je er blijkbaar mee begaan bent. Waarom zou iedereen mogen stemmen? Als straks de helft van Nederland werkloos is, in de bijstand leeft of pensioen heeft, moet de andere helft gaan betalen. Dat is democratie 1.0.

Democratie 2.0 kan ook internationaal werken, even afgezien van de taal. Willen we niet gewoon dat al die vertalers bij de EC verdwijnen? Waarom zijn salarissen van alle ambtenaren eigenlijk niet openbaar? (We betalen ze toch? Wij zijn eigenlijk de klant. Zij werken voor ons, niet andersom!) Net als hun declaraties? Net als hun documenten? Net als hun e-mails? Waarom niet gewoon wiki.gov.eu waar alle Wikileaks-documenten staan gepubliceerd? Staatsveiligheid ok, maar de meeste afscherming is voornamelijk het behoud van de eigen situatie zoals we die nu kennen. Transparency.org, de internationale organisatie tegen corruptie, zou kunnen helpen, want transparantie en corruptie zijn als water en vuur. Het feit echter dat Nederland te boek staat als één van de minst corrupte landen ter wereld biedt echter weinig hoop op snelle voortuitgang.

Overheden in democratie 2.0 zouden communities met gedeelde belangen wereldwijd moeten faciliteren. Stel dat alle Parkinson-patienten in de wereld zouden zijn aangesloten bij één organisatie en dat al hun vrienden (via Facebook) connected zijn, om vervolgens via crowdsourcing diepgaand onderzoek te doen ter voorkoming en genezingen van deze ziekte en via crowdfunding wordt gevraagd een bijdrage te leveren. Er zijn wereldwijd naar schatting 6,3 miljoen mensen met Parkinson en stel dat ze 10 vrienden hebben die allemaal 15 euro doneren, dan heb je meer dan 1 miljard euro aan onderzoeksgeld. Daar kan je iets mee. En zo'n raar idee is dit helemaal niet, maar je moet het wel even coördineren. Mooie taak voor de VN? Wie beslist eigenlijk wat de VN mag doen? In democratie 2.0 is dat de wereldburger.

Hoewel democratie 2.0 the way to go lijkt, gaat het er toch nog even niet komen. Er is niemand die zich opwerpt voor een dergelijk nieuw systeem, simpelweg omdat je het niet even snel kunt uitleggen aan een journalist, en de gewone man op straat dit nooit gaat begrijpen. Geen partij neemt democratie 2.0 op in z'n verkiezingsprogramma. De beperking van democratie 1.0 laat ons niet overgaan naar versie 2.0. Mooie controverse toch? Bovendien moeten we het van de huidige politici niet hebben. Het old boys network houdt elkaar intact in de volle overtuiging dat zij het land moeten leiden, dat dat hun taak is, hoe goed ook bedoeld. Zo houden we met z'n allen alles in stand. Houden overheden banken overeind, en banken op hun beurt weer overheden. Na elke stormpje van kritiek: 'We drinken een glas, we doen een plas, en alles blijft zoals het was'.

Revolutie

Echte verandering komt ook helemaal niet met evolutie, maar met revolutie, gevoed door techniek. Zo was de pamflettenstrijd een belangrijk onderdeel van de Franse Revolutie. Mensen kregen meer informatie en wilden het anders. Slimme staatshoofden zijn meegebogen met volk. Minder slimme staatshoofden, zoals de Franse, deden dat niet, met fatale afloop.

En échte ontevredenheid bij de Nederlander gaat ook helpen. 700.000 werklozen is een leuk begin, maar zodra de economie weer gaat groeien en het blijkt dat door structurele cost cutting-innovatie (jobless recovery) er helemaal niet meer banen komen, dan onstaan de problemen in een model waar alles is gebaseerd op het principe: economische groei = banengroei = rust in de tent. Met een miljoen mensen die eerder werkten in in administratie, bij accountants, of eerstelijns-klantbehandeling komt eerst de staat structureel in problemen, direct gevolgd door problemen bij de mensen thuis na het aflopen van alle WW-uitkeringen. Als dan ook het internet nog instort, is de chaos compleet. Waar kunnen we dan nog op vertrouwen?

Het lijkt een horrorscenario, maar de geschiedenis leert ons dat we alleen door moed óf door crisis kunnen veranderen. Collectieve moed ontbreekt, dus dan maar crisis. En die echte crisis, die Great Correction zoals ik 'm noem, komt elke dag een beetje dichterbij. Nadat de scherven van de crisis zijn opgeruimd gaat de jonge generatie (tot 35 jaar) aan de slag met de technologie van dat moment, om een wereld in te richten zoals we het eigenlijk zouden willen. Een jonge generatie die niets te verliezen heeft kan vrij en creatief denken en komt met oplossingen die we nu nog als onmogelijk zien. Ik vertrouw 100% op deze generatie!

En voor de oudere jongeren, middelbaren en ouderen heb ik een advies: zie de toekomst positief tegemoet! Dé crisis van de afgelopen duizenden jaren! De crisis die leidt tot dé nieuwe vorm van staatsinrichting. Hoe bijzonder is het om dat mee te maken? De kunst is het niet om die toekomst te vermijden, met de hakken in het zand alles te doen om het oude te behouden; het is de kunst om ook deze toekomst met vol enthousiasme te ontvangen en bereid te zijn alles los te laten wat we tot nu toe hebben opgebouwd. En dan op naar een betere wereld!

Mensen, het wordt heel mooi. Het is maar net hoe je er in staat. Hoe je er in wilt staan! Volgende keer gaan we kijken hoe we de wereld opnieuw opbouwen tot 2100. Je zult bijna niet kunnen geloven dat we echt aan een soort paradijs aan het bouwen zijn. Soon more!

Eerder in deze serie

Coming up

  • Trends tot 2100, deel 5: 2020-2100

Credits afbeelding: mastphoto, opensourceway (1, 2, 3), Ian Sane, European Parliament, Wikipedia, SallandMagazine


Geplaatst in

Delen

0
0


Er zijn 11 reacties op dit artikel

  • Interessant maar wat een lap tekst, komt dit ook nog uit in boekvorm.

    geplaatst op
  • ja ongelofelijk lang verhaal heh? Ik kon het echt niet korter maken. Het is zelfs als deel IV van vijf delen. Volgende keer wordt korter.

    Maar ja, het is allemaal denkstuff voor dit boek project:
    http://www.erwinvanlun.com/ww/trends/future_2050_pamper_planet/

    geplaatst op
  • Het was een lap tekst, maar ik vloog er zo doorheen. Hulde!

    geplaatst op
  • Thanks Patricia!

    geplaatst op
  • Heerlijk om te lezen! Ik kan niet wachten tot de revolutie gaat plaats vinden of op het moment dat de jeugd de macht de krijgt!

    geplaatst op
  • Waarom geen App waarmee iedereen die wil kan stemmen op zaken die worden behandeld in de 1e en 2e kamer?? toon informatie over de kwestie op internet, laat discussie filmpjes zien en laat het volk beslissen zou ik zeggen!
    Met de technologie kan zoveel meer als alleen 1x in de vier jaar je stem uitbrengen!
    Het is toch allemaal voor 'ons' wat ze in Brussel en Den haag beslissen? ik wil elke dag mijn stem wel uitbrengen en mijn visie geven op de onderwerpen.

    geplaatst op
  • ik geloof dat jij en ik op dezelfde lijn zitten Addie!! Met zulke goede meningen kan je best je volledige naam gebruiken, goed voor je reputatie. :-)

    geplaatst op
  • Gebeurt Erwin, had geen idee aangezien ik nog niet zolang een account bezit maar als het goed is is het gelukt!

    geplaatst op
  • Heel goed Addie! Ik heb je inmiddels ook al op LinkedIn gevonden. Nu nog je MF profiel :-)

    geplaatst op
  • Had je al even niet intensief gevolgd maar vandaag weer verrast. Wat een oversight.

    geplaatst op
  • Ha Inge, dank je wel! Het speelt allemaal nog steeds. Dat geeft mooi aan hoe stug verandering gaat. Onder water worden de fundamenten van het bestaande systeem steeds brozer en krijgen componenten van het nieuwe systeem steeds meer vorm. Het is een kwestie van tijd voordat de boel instort en we het eindelijk weer leuk kunnen gaan maken :-).

    geplaatst op

Plaats zelf een reactie

Log in zodat je (in het vervolg) nóg sneller kunt reageren

Vul jouw naam in.
Vul jouw e-mailadres in. Vul een geldig e-mailadres in.
Vul jouw reactie in.

Herhaal de tekens die je ziet in de afbeelding hieronder


Let op: je reactie blijft voor altijd staan. We verwijderen deze dus later niet als je op zoek bent naar een nieuwe werkgever (of schoonmoeder). Reacties die beledigend zijn of zelfpromotioneel daarentegen, verwijderen we maar al te graag. Door te reageren ga je akkoord met onze voorwaarden.