Jurriaan van Rijswijk (Center for Applied Games): “Nederland is een koploper in de game-industrie”

Jurriaan van Rijswijk (Center for Applied Games): “Nederland is een koploper in de game-industrie”

Vorige week opende het Center for Applied Games haar deuren. In een statig pand vlakbij Artis in Amsterdam is volgens initiatiefnemer Jurriaan van Rijswijk “de hele keten” samengebracht. Montpellier Venture, Stichting Games for Health Europe, een fonds dat het uitgeven van applied games mogelijk maakt en plannen voor een uitgeverij. Met serieuze steun van een investeringsmaatschappij en een focus op bedrijven, de zorg en educatie. En het doel om applied gaming verder te brengen.

Al doet Nederland het op dit moment ook lang niet slecht. “We zijn absoluut een koploper. Nederland telt 330 gamebedrijven, waarvan, als je dat niet al te streng neemt, ongeveer 40 procent bezig is op het terrein van applied games. Dus tussen de 100 en de 120 studio’s die daarmee bezig zijn.”

Waar ze exact mee bezig zijn, werd eerst nog ‘serious games’ genoemd. Spelletjes, veelal digitaal, die je iets leren en gedragsverandering tot gevolg hebben. Met als tot de verbeelding spekend voorbeeld het spel Re-Mision. Een game die, klinisch bewezen, kinderen met kanker helpt sneller te herstellen, omdat ze zich dankzij het spel beter aan hun therapie houden. Dankzij een spel als Re-Mission zijn steeds meer mensen overtuigd van het nut en de noodzaak van applied games. “Men ziet het wel, maar snapt nog niet hoe het werkt. De vraag vanuit de markt is gigantisch. Nu komt het aan op leveren, maar de productie is op dit moment de belemmerende factor.”

“Eén plek en van daaruit de wereld veroveren”

Om die belemmeringen deels weg te nemen, is een fonds in het leven geroepen. “Er komt een applied gaming fund voor de ontwikkeling, maar ook voor het vermarkten van games op de internationale markt. Mensen kunnen zich altijd melden. De condities zijn er allemaal, dus bij een goed idee kan er direct worden gekeken of er een businesscase van te maken is: zijn er genoeg mensen die er wat mee zullen doen? Is er een valide model en een werkend spel zichtbaar, dan staat er niets meer in de weg.”

Daarbij pleit Van Rijswijk voor de aanpak ‘pak een bestaande werkende therapie en maak daar een spel van’. “Dan ben je dus eigenlijk bezig met het verpakken van een therapie in een nieuw formaat. Je bent de therapie aan het moderniseren en leuker aan het maken.” Een aanpak die over het algemeen veel beter en sneller werkt dan in het wilde weg een game bouwen en dan achteraf proberen aan te tonen dat die het beoogde effect heeft.

Bij het Center for Applied Games zijn ook mensen van Talpa betrokken. Logisch meent Van Rijswijk. “Het gaat erom hoe je tegen games aankijkt en daarbij kun je veel leren van andere industrieën. Een van de succesvolste voorbeelden is toch de tv-industrie. Dus waarom het wiel opnieuw uitvinden als die kennis daar aanwezig is? De televisiewereld kent een heel versnipperde productie, maar wij willen de productie van applied games concentreren op één plek en van daaruit de wereld veroveren.”

“Het onderwijs biedt grote kansen”

De wereld veroveren betekent dat games internationaal moeten werken. Daarbij gaat het niet alleen om taalaanpassingen, ook cultuurverschillen spelen een rol. “Dat is een van de uitdagingen. Taal kun je technisch inrichten, maar cultuurverschillen zullen anders zijn.” Internationaal werken betekent ook een grote afzetmarkt. “Het is aantrekkelijk als mensen keuzes hebben. Ook in spellen. Cultuur, geslacht, leeftijd en afkomst maken dat je veel spellen over één onderwerp kunt maken.”

Bovendien hoeven applied games niet tot de gezondheidszorg beperkt te blijven. Zo biedt met name ook het onderwijs grote kansen. “Onderzoek heeft laten zien dat jongeren in de klas nagenoeg hersendood zijn. School is voor hen een straf. Dat is dramatisch. Het onderwijssysteem loopt het meest achter van alle industrieën, dus daar valt heel veel winst te halen: learning bij doing. Laat ze dingen doen en breng ze daarmee dingen bij.”

Kortom: kansen te over. En daarmee lijkt de komst van het Center for Applied Games goed samen te vallen. ”Door het centrum dat er nu is, waar je dingen concentreert, wordt het tastbaar. We zijn een pionierslandje en we zijn in staat gebleken om de dingen die we doen over de wereld uit te rollen. In de pioniersfase zoeken we elkaar op. De hele game-industrie is best een hecht clubje, iedereen kent iedereen. Nu gaan we eerst kijken of het hier werkt en daarna uitrollen over de wereld: Duitsland, Engeland, de Verenigde Staten en misschien wel Azië.”


Delen

0
0


Er zijn 0 reacties op dit artikel

Plaats zelf een reactie

Log in zodat je (in het vervolg) nóg sneller kunt reageren

Vul jouw naam in.
Vul jouw e-mailadres in. Vul een geldig e-mailadres in.
Vul jouw reactie in.

Herhaal de tekens die je ziet in de afbeelding hieronder


Let op: je reactie blijft voor altijd staan. We verwijderen deze dus later niet als je op zoek bent naar een nieuwe werkgever (of schoonmoeder). Reacties die beledigend zijn of zelfpromotioneel daarentegen, verwijderen we maar al te graag. Door te reageren ga je akkoord met onze voorwaarden.