Mediamonitor 2013-2014

Mediabedrijven en mediamarkten 2013-2014

In dit rapport heeft het Commissariaat voor de Media de meest actuele trends, de voornaamste mediabedrijven en de concentratie op de mediamarkten in kaart gebracht. In deze editie gaat men in het bijzonder in op het zenderaanbod aan de Nederlandse televisiekijker.Met de komst van nieuwe technieken om televisiezenders te verspreiden, is het aanbod aan zenders enorm toegenomen. 

Digitalisering

In de Mediamonitor is er aandacht voor de ontwikkelingen in een medialandschap dat voort- durend aan veranderingen onderhevig is. De digitalisering van media heeft tot gevolg dat content steeds makkelijker geproduceerd en verspreid kan worden, met ingrijpende gevol- gen voor de partijen die verdien(d)en aan de productie en verspreiding van creatieve content – of het nu muziek, video, journalistieke producten of boeken betreft.

Waar de analoge wereld van creatie, productie en verspreiding overzichtelijk en behoorlijk controleerbaar was, kan in het digitale universum alle informatie razendsnel en zonder kwali- teitsverlies worden gekopieerd en verspreid.

Het verdienmodel in de digitale wereld is voornamelijk gebaseerd op advertentiegelden. Wie veel publiek naar zijn site weet te trekken, of dat nu met grappige video’s of serieus nieuws gebeurt, kan daarmee geld verdienen. Deze digitale ontwikkeling heeft verdienmodellen in de mediawereld, vaak gebaseerd op schaarste door gecontroleerde verspreiding, onder druk gezet. Uitgevers van muziek, nieuwsmedia en boeken zijn dan ook naarstig op zoek naar manieren om hun content betaald aan te bieden. Apple heeft met iTunes jaren geleden al laten zien dat het publiek best bereid is te betalen voor content, als dat maar laagdrempelig mogelijk wordt gemaakt. Ook Spotify lijkt met een streamingdienst voor muziek, waarbij voor een vast bedrag per maand muziek in elk genre kan worden beluisterd, een succesvol model te hebben ontwikkeld.

Nieuwsmedia worstelen hier nog mee. Waar voor hun kranten en tijdschriften altijd moest worden betaald, in de losse verkoop of via abonnementen, hebben ze hun content jarenlang gratis online gezet. Daarnaast ondervinden zij concurrentie van websites als nu.nl, van apps van bijvoorbeeld de NOS en van de mogelijkheid voor particulieren om eenvoudig nieuws- waardigheden te verspreiden via smartphone of tablet. Nu de advertentie-inkomsten uit de papieren media teruglopen en de online verdiensten daar (nog?) niet tegen opwegen, is het de vraag of ze de consument zo ver krijgen de portemonnee te trekken voor hun online content. Er wordt volop geëxperimenteerd met betaalde toegang tot sites; een online initia- tief als De Correspondent, dat zich richt op verdiepende artikelen rondom het nieuws, heeft aangetoond dat er voldoende bereidheid bestaat om voor verdieping te betalen. Op sites als Blendle en eLinea kunnen bezoekers afzonderlijke artikelen kopen van een keur aan kranten of tijdschriften; de komende tijd zal moeten uitwijzen of deze verdienmodellen toekomst hebben. Vooralsnog staat al het nieuws vaak nog gratis te lezen, waardoor betalen voor toegang tot dagbladsites nog geen vanzelfsprekendheid is. 

Tussen lineair en non-lineair

Hoewel de televisiekijktijd niet afneemt, groeit het aanbod van alternatieven, zoals VOD- diensten. Omdat de cijfers van uitgesteld kijken maar ten dele en die van VOD nog niet in de kijkcijfergrafieken worden verwerkt, gaat de groei in VOD nog niet ten koste van de lineaire televisieconsumptie. De kijkcijfers van Stichting KijkOnderzoek (SKO) vormen de valuta waarmee de programmawaarde wordt bepaald. Vanaf het vierde kwartaal van 2015 wordt de lineaire en non-lineaire kijktijd on- en offline op vergelijkbare wijze gemeten en zal de SKO over het ‘Kijktotaal’ kunnen rapporteren. Een belangrijke stap, want tussen lineaire en non-lineaire av-consumptie ontstaan steeds meer overgangsvormen. Waar in een lineaire wereld de aanbieder het aanbod én het moment van consumptie bepaalt, hebben ontwik- kelingen als Uitzending Gemist of de pauzeknop op een digitale tv er inmiddels voor gezorgd dat de kijker zelf beslist wanneer hij een uitzending bekijkt. VOD-diensten met een uitge- breide catalogus bieden de kijker zowel een vrije keus uit een ruim aanbod als de vrijheid om zelf het moment van kijken te kiezen.

Wanneer iemand het internet gebruikt, dan wordt zijn gedrag nauwlettend gevolgd. Zowel door mediabedrijven als door adverteerders, die het surfgedrag en de tijd die op websites wordt doorgebracht in kaart brengen en daar waarde aan toekennen. Maar de mediagebrui- ker heeft ook invloed op het mediagebruik of de opinie van anderen. Dat gebeurt direct, bijvoorbeeld via sociale media, maar ook indirect, doordat analyse van gebruikersgegevens duidelijk maakt waar online meer en minder behoefte aan bestaat. Wetende dat waarde snel kan verdampen als het publiek de sympathie of belangstelling voor een site of merk verliest, is het voor mediabedrijven een belangrijke uitdaging om op een goede manier in te spelen op veranderende consumptiepatronen en -behoeften.

Mondialisering van de media

Een groot deel van de Nederlandse mediamarkten is in buitenlandse handen. Het Belgische De Persgroep en het Britse Mecom bedienen samen bijna 48 procent van de Nederlandse dagbladenmarkt, de commerciële televisiemarkt is vrijwel geheel in handen van buitenlandse partijen als Bertelsmann, Sanoma Group, Viacom, Discovery, Walt Disney en News Corp. Liberty Global, het grootste kabelbedrijf ter wereld en moedermaatschappij van UPC, heeft stappen gezet om Ziggo over te nemen. Als die overname wordt goedgekeurd door de Europese Commissie, bezit het Britse bedrijf meer dan 50 procent van de Nederlandse distributiemarkt. Op internet zetten Amerikaanse mediabedrijven al jaren de toon: de best bezochte websites zijn google.nl en google.com, youtube.com, facebook.com en live.com. De eerste van oorsprong Nederlandse site op de lijst is marktplaats.nl, nu eigendom van het Amerikaanse eBay.

Waar het in, bijvoorbeeld, Duitsland ondenkbaar zou zijn dat een titel als de Frankfurter Allgemeine aan een buitenlandse partij zou worden verkocht, speelt in Nederland de nati- onaliteit van een aankopende partij geen enkele rol. In die zin mag de Nederlandse media- wereld met recht een mondiale markt worden genoemd. 

Opvallend genoeg is er één uitzondering: de radio. In deze door de overheid verhoudings- gewijs strak gereguleerde doch geconcentreerde markt zijn de grootste aanbieders allemaal Nederlands: NPO, TMG (Sky Radio, Radio Veronica, Classic FM) en Talpa Media (538, Radio 10 Gold, Slam!FM) nemen samen ruim 60 procent van de totale luistertijd voor hun rekening. 

Om dit document te downloaden moet je ingelogd zijn. Niet geregistreerd? Registreer je dan hier.