Vorige week spraken Kobalt en Nielsen in BNR’s Mediazaken (mp3) over de ontwikkeling van de mediabestedingen als gevolg van de kredietcrisis. Onlangs publiceerde datzelfde Nielsen het halfjaarrapport (pdf) over de eerste helft van 2008 met daarin een prognose voor de rest van 2008.
Een halvering van de verwachte groei in 2008 en een verwachte daling van de bestedingen in het eerste kwartaal van 2009 volgens Kobalt. Dat is de voorlopige balans. Maar ik denk dat de daling zich ook in de rest van 2009 en daarna zal doorzetten. Een aantal redenen daarvoor. Allereerst is 2009 een oneven jaar. Per definitie zijn die jaren altijd iets minder qua bestedingen ten opzichte van even jaren met grote sportevenementen. Daarbij moet overigens wel gezegd worden dat de invloed van die grote sportevenementen op de mediabestedingen wel steeds kleiner lijkt te worden, maar dat terzijde. Belangrijker is het feit dat financiële dienstverlening, aanstichter van de crisis, één van de grotere adverteerdersbranches is. In Nederland is het na retail en voedingsmiddelen de nummer drie met een aandeel van 8% in het totaal (op basis van bruto mediabestedingen). Als daar de klad in komt is dat goed merkbaar.
De netto mediabestedingen zijn in 2007 met 6,2% gestegen tot ruim € 6,5 miljard. De grootste stijging kwam voor rekening van internet met een groei van 29,5%. Een tweede grote stijger was sponsoring met een groei van 6,7%. Bij televisie en dagbladen namen de netto advertentie-inkomsten met respectievelijk 6,5% en 4,9% toe. Deze en veel meer cijfers staan binnenkort in het Jaarboek Netto Mediabestedingen van Nielsen Media Research.
Voor het eerst zijn in het Jaarboek Netto Mediabestedingen de advertentie-inkomsten voor sponsoring toegevoegd in samenwerking met SponsorTribune, waarmee bijna € 900 miljoen toegevoegd wordt aan de totale netto mediabestedingen. Sport eist met meer dan de helft van de sponsorbestedingen het grootste aandeel op, non-spot noteerde in 2007 met 19,2% de hoogste groei binnen dit nieuw gerapporteerde mediumtype.
Donderdagavond is het eerste exemplaar van het STIR Internet Jaarboek 2008 uitgereikt aan IAB-voorzitter Marco Derksen. Dat gebeurde op het jaarfeest van de Stichting Internetreclame (STIR) waar enkele honderden vakgenoten het driejarig bestaan van STIR kwamen vieren. STIR-voorzitter Gert Jaap Schoppink overhandigde het boek met het nieuws dat IAB en STIR meer gaan samenwerken op het gebied van onderzoek. IAB publiceerde voorheen jaarlijks het mediaconsumptie-onderzoek, maar neemt nu de data van de Establishment Survey van STIR af als alternatief. Een groot deel van die data is ook te vinden in het jaarboek. Om die reden heeft het IAB een speciale IAB-oplage van het boek laten maken voor haar leden.
In het jaarboek wordt een uitgebreide update gegeven van de onderzoeken die STIR laat uitvoeren. Dat is naast de genoemde Establihsment Survey de Marktmonitor Internet en uiteraard de Webmeter. De Establishment Survey geeft inzicht in de samenstelling van de surfpopulatie en de online activiteit van die populatie. De survey wordt o.a. gebruikt om het panel van de Webmeter mee te ijken. Ook wordt gevraagd naar de tijdbesteding aan andere media zoals televisie, radio en print. De Marktmonitor geeft een overzicht van de 500 meestbezochte websites in Nederland. Dat zijn niet alleen de STIR-aangesloten websites, maar alle websites. Inclusief buitenlandse sites. De Webmeter is het hoofdonderzoek van STIR dat maandelijks data levert aan de markt. Met die data kunnen o.a. mediacampagnes gepland worden.
In opdracht van STIR en IAB heb ik van 5 t/m 8 februari 2008 het I-Com congres in Barcelona bezocht.
I-Com staat voor International Conference on Online Media Measurement en werd voor de tweede keer georganiseerd door gastheer Andreas Cohen. Het tweejaarlijkse congres werd door bijna 200 mensen uit de hele ‘wereld’ bezocht en we hebben het hier over de wereld van online media research. Qua netwerken een zeer goed congres, de ‘content on stage’ viel wat tegen. Dit kwam mede door het gekozen format: geen dieptepresentaties per topic, maar korte inleidingen met heel veel paneldiscussies op het podium, al of niet in combinatie met de zaal. Bovendien waren er een groot aantal gesponsorde discussies, wat de diepgang niet ten goede kwam. Maar goed, al met al een zeer geslaagd bezoek aan het congres waarvan ik hieronder zal proberen de highlights aan te stippen. Of zoals George Ivie (Media Rating Council) zei: ‘We can only scratch the surface.’
Het Commissariaat voor de Media (CvdM) introduceerde vandaag de vernieuwde website Mediamonitor. Zij doet dat samen met de nieuwe rapportage over de pluriformiteit van de Nederlandse media. De website biedt onder meer een actueel overzicht van mediabedrijven en mediamarkten en informatie in verband met de Tijdelijke wet mediaconcentraties (zie toelichting onderaan dit artikel). Vandaag publiceerde CvdM het nieuwe rapport, waarin het stelt dat het niet best gesteld is met de pluriformiteit van de Nederlandse dagbladen. Er zijn steeds minder titels en ze gaan steeds meer op elkaar lijken. Dat is in het kort de conclusie.
Negentig procent van de Nederlandse jeugd is verknocht aan internet en 85% kan niet zonder e-mail. Daarmee zijn ze koplopers in de wereld. Maar tegelijkertijd zijn ze het minst van allemaal geïnteresseerd in de technologie die erachter steekt. Onze jeugd heeft de digitale technologie dus stevig omarmd, maar hoeft niet zo nodig te weten hoe het werkt. De gemiddelde ‘wereldjongere’ die digitale technologie gebruikt, heeft 94 nummers in zijn mobiele telefoon en 78 contactpersonen in zijn Windows Live Messenger. Ter vergelijking: in Nederland zijn dat er respectievelijk 83 en 104. Ondanks de alomtegenwoordige technologie, zegt slechts 11% van de Nederlandse jongeren ‘geïnteresseerd’ te zijn in technologie. Wél blijken ze experts op het gebied van multitasking en weten ze feilloos de goede informatiekanalen te vinden.
Het zijn slechts enkele van de uitkomsten uit het wereldwijde onderzoek over de werking van technologie op kinderen en jongeren dat door MTV Networks in samenwerking met Microsoft Digital Advertising Solutions is gehouden.
De ‘Circuits of Cool/Digital Playground technology and Lifestyle Study’ stelt vraagtekens bij de traditionele aannames over jongeren en technologie en onderzoekt de impact van cultuur, leeftijd en geslacht op het gebruik van technologie.
Vorige week zag ik overal berichten opduiken over het feit dat in een kwart van de Nederlandse huishoudens digitale televisie aanwezig zou zijn. Toen dacht ik: dat weten we toch allang. Vorige maand nog twee rapporten gezien van Ernst & Young en TNS NIPO. Blijkt SKO het rapport TV in Nederland 2006 te hebben uitgebracht. Daar staat dat ook in. Kon ik mooi niet vinden. Ik zocht namelijk in het SKO Jaarrapport 2006, maar dat gaat alleen over televisie kijkgedrag en niet over toestelbezit en distributie. Best verwarrend, maar we zijn weer helemaal bij. De cijfers:
Een echte community, daar leek het op vanavond in Vak Zuid. Althans in de ogen van Lode, die zich net als ik verbaasde over het feit dat een weblog tot ‘zoiets’ kan leiden. Een community, dat was het. Een community van gelijkgestemden, eensgezinden, andersdenkenden, dwarse debaters, bierende bloggers en bittere ballen.
Marco, dank voor de borrel. Het was een groot succes!
Vanuit Het Media Loket heb ik een trits domeinnamen waarvan ik ooit dacht dat die wel eens van pas zou kunnen komen. Hiervoor betaal ik keurig jaarlijks de bijbehorende kosten. So far so good. Totdat ik onlangs een bevestiging kreeg van een verhuizing van één van die namen. Iemand anders had ergens een verhuisformulier ingevuld, dat bij haar provider ingeleverd en zo ging de naam van mijn provider naar een andere provider. In dit geval van Interned Services in Purmerend naar Visionhost in Amsterdam. Maar het bleef niet bij een verhuizing. De nieuwe trotse eigenaar begint doodleuk een site onder de domeinnaam.
Is er nou niemand van de -tig bloggers hier die even een postje maakt van het feit dat Marketingfacts wederom genomineerd is voor een internationale prijs? Dit keer gaat het om de Best of Blog Award waarin Marketingfacts genomineerd is in de categorie Best Corporate Blog. Ik ken de prijs niet, maar na wat speurwerk lijkt mij die niet misselijk. Of zit ik fout? Is het een prijs waar we de blogneus voor ophalen? Is het de naam (BOB) die tegenstaat?





