Robert Verwaayen (Keen Venture Partners): “Wij gaan pro-actief investeren”

Robert Verwaayen (Keen Venture Partners): “Wij gaan pro-actief investeren”

De mannen achter Keen Venture Partners zijn niet de minsten: Robert Verwaayen had een belangrijke positie bij Prime Ventures. Zijn vader Ben Verwaayen was onder meer CEO bij PTT Telecom en Britisch Telecom en heeft in de loop van zijn leven een gigantisch netwerk opgebouwd. En Alexander Ribbink was succesvol met TomTom. Met z’n drieën zijn ze op zoek naar 150 miljoen om daarmee, zoals ze zelf zeggen, pro actief te gaan investeren. Dus niet afwachten, maar zelf actief op zoek naar kansrijke bedrijven.

“Als je kijkt naar venture capital in traditionele zin, heb je een heel groot fonds. Dat fonds zet een vlag in de tuin en adverteert dat ze een x aantal miljoenen heeft om te investeren en wacht dan af wie daarop af komt. Wij hebben gezegd: dat draaien we om. We hebben een aantal ideeën over de toekomst en kijken dan welke bedrijven die kant op gaan. En die gaan we zelf pro-actief benaderen.” Daartoe heeft Keen Venture Partners drie categorieën gedefinieerd. Met bijvoorbeeld in categorie één alle bedrijven die iets doen met the internet of things, robotica, artificial intelligence en machine learning. Oftewel: de categorieën zijn breed opgezet.

“Om geloofwaardig te kunnen investeren moet je blijven bij wat je snapt ”

Toch vallen er ook veel bedrijven af. Zo valt op de site te lezen dat Keen bijvoorbeeld geen interesse heeft in online retail of digital media. “Er is niets mis mee, alleen moet je om geloofwaardig te kunnen investeren blijven bij wat je snapt. En bijvoorbeeld online retail: dat snappen we wel goed, maar dat is gewoon online winkeltje spelen, heel hard werken met lage marges. Om dat goed te kunnen schalen, heb je veel kapitaal nodig. Dat vinden wij minder interessante businessmodellen, dus daarom zeggen we dat we daar niet in geïnteresseerd in zijn. Dat is duidelijk. Wij hoeven niet naar alles te kijken.” De keus voor een dergelijk model is ingegeven door de huidige markt. Keen Venture Partners moet zich zien te onderscheiden van de 849 andere investeerders die Europa op dit moment telt. “De markt is veel competetiever, ook voor venture capitalists, dus je moet keuzes maken.”

Keen heeft de benodigde 150 miljoen waarmee het bedrijf aan de slag wil gaan nog niet binnen. “Eigenlijk is het businessmodel van een venture capitalist erg vreemd, want in feite vraag ik aan jou een zak geld. Dan wil ik ook dat je me betaalt om dat geld te beheren en dan wil ik ook nog een stuk van de winst. Dat is geen makkelijke propositie. Wij beloven dat we van dat geld drie tot vijf keer zoveel maken. Dus daar moet je mensen van zien te overtuigen.”

De partijen om wie het gaat zijn pensioenfondsen, banken, bedrijven en individuelen die veel geld voorhanden hebben. Om hen over de streep te trekken, heeft het bedrijf eigen geld in twee ondernemingen gestoken, waarmee het wil laten zien wat het kan bereiken. De strategie van Keen is anders dan die van veel traditionele investeerders. Die proberen er tien en gokken erop dat één bedrijf het redt. Keen kiest voor minder risico: 10 bedrijven, waarvan 2 tot 3 het maken, 3 het aardig doen en de rest mislukken. Investeringen per bedrijf zullen gedurende de looptijd van tien jaar oplopen tot tussen de 10 en 15 miljoen.

“Human capital first”

Zoals gezegd: de concurrentie in investeringsland is stevig. Daarom is bedrijven benaderen met de vraag of ze geld nodig hebben vaak niet voldoende. “In plaats van dat wij zeggen mogen we investeren, vragen we "Wat is je grootste probleem, hoe kunnen we je helpen?" Dat bedoelen we met human capital first. We gaan zo’n bedrijf eerst een tijdje helpen. Die hulp kan zijn dat Ben zegt "Ik introduceer je heel hoog in de boom bij je droomklant." Of "Ik help bij het praktisch uitwerken van een financiële strategie of model." Of Alexander zet zijn marketing expertise in. Soms zijn dat echt trajecten van een paar maanden lang en dat wordt dan als alles goed gaat bezegeld met een investering.” Door voor deze route te kiezen, kan Keen langer en beter onderzoeken of een bedrijf werkelijk heeft wat nodig is om het te gaan maken. “Dus we krijgen veel beter inzicht en als we investeren dan doen we dat alleen omdat we echt graag willen.”

Uiteindelijk is het doel echt grote bedrijven bouwen. Dus niet kiezen voor een Amerikaanse exit van 200 miljoen, zoals je in Nederland wel vaker ziet. “We zijn in Nederland best goed in starten, maar minder goed in groeien. Wij denken dat we nu een clubje mensen bij elkaar hebben dat toch een keer een paar bedrijven in Europa of Nederland kan helpen heel groot te worden.“ Dat moet mogelijk zijn. Ook al loopt Nederland achter wat betreft Berlijn of London, veel van de randvoorwaarden zijn goed. “Onze infrastructuur is echt top: van broadband penetratie tot en met mobiel is het allemaal de top 5 in de wereld. Ook zakendoen is allemaal hartstikke goed geregeld. We staan beter gepositioneerd dan Amerika als je kijkt hoe lang kost het om een BV op te zetten.” Waar het aan lijkt te ontbreken is een echte winnaarsmentaliteit. Een kwestie van cultuur dus en om die reden heel lastig te veanderen. Toch ziet Verwaayen het positief in. “Het begint allemaal wat opener en grootser te worden. De media springt er op. Hierdoor zullen al die kids die nu 16 zijn gaan denken: dit kan ik ook. En het dan ook doen.”


Delen

0
1


Er zijn 0 reacties op dit artikel

Plaats zelf een reactie

Log in zodat je (in het vervolg) nóg sneller kunt reageren

Vul jouw naam in.
Vul jouw e-mailadres in. Vul een geldig e-mailadres in.
Vul jouw reactie in.

Herhaal de tekens die je ziet in de afbeelding hieronder


Let op: je reactie blijft voor altijd staan. We verwijderen deze dus later niet als je op zoek bent naar een nieuwe werkgever (of schoonmoeder). Reacties die beledigend zijn of zelfpromotioneel daarentegen, verwijderen we maar al te graag. Door te reageren ga je akkoord met onze voorwaarden.