maandag 28 maart 2005, 10:35 uur
De Wet van de Afnemende Interactiviteit
We kennen allemaal The Law of Interactivity maar de Wet van de Afnemende Interactiviteit was voor mij nieuw.
Jeroen de Bakker plaatste afgelopen week op Dutchcowboys de stelling dat naar mate een weblog succesvoller wordt en meer bezoekers trekt, de interactiviteit steeds meer in het gedrang komt. Een dialoog is bijna niet meer mogelijk en de weblog wordt weer gewoon zenden (zoals ook met gewone websites).
Op basis van deze stelling heeft Christ Coolen op Adverto een drietal stadia gedefinieerd van afnemende interactiviteit (afhankelijk van het aantal bezoekers per dag). Een aardige poging maar zoals terrecht opgemerkt door Henk de Hooge op Dutchcowboys, de interactiviteit is niet alleen afhankelijk van het aantal bezoekers maar ook van de schrijfstijl van de weblogger en de doelgroep.
Wellicht dat uit de analyse van schrijfstijl ( taaluitingen) per webblog is af te leiden hoe de interactiviteit op gang wordt gebracht, gehouden of verlengd. Ik denk dat bij goedlopende weblogs de fatische functie voornamer aanwezig is dan alleen de feitelijke informatieoverdracht.
Een goede moderator/ weblogger houdt de "wil tot communicatie" scherp en moedigt het verlangen van peers aan mee te werken aan een "talig" betekenisvol universum. Een weblog is een, bij uitstek middel, om feiten te bemiddelen op een prettige en appellerende wijze (van visitekaartje tot uitnodiging). Een weblog maakt het dus mogelijk om interactief een set of beliefs met elkaar te delen en inzichten te vormen.
Maar wat houdt de berichtgeving en reacties op een weblog in stand? Maakt het een cross over in bv een sociale context. Wat is het bijkomend effect van een weblog: is het slechts een representatie van een behoefte om te communiceren of bouwt het mee aan onze werkelijkheid?
Bekijk eens Joseph's essay "James Carey and Stuart Hall"
In "A Cultural Approach To Communication", James Carey (1989) distinguishes between the transmission and ritual perspectives of communication. He characterizes the transmission view as, "‘imparting,’ ‘sending,’ ‘transmitting,’ or ‘getting information to others” (1989:15). The ritual view is characterized as “’sharing’, ‘participation’, ‘association’, ‘fellowship’, and ‘the possession of a common faith’” (1989:18). He argues that a ritual view is directed "not toward the extension of messages in space but toward the maintenance of society in time; not the act of imparting information but the representation of shared beliefs" (1989:18). But isn't an expression for the purposes of representing solidarity information? Is this distinction over-drawn?
http://reagle.org/joseph/2004/seminar/carey-hall.html